Blogtournee ‘Mijn vader was een NSB’er – Elmer den Braber – Interview deel 2

Blogtournee ‘Mijn vader was een NSB’er – Elmer den Braber – Interview deel 2

Het is maandag 15 december, tijd voor het vervolg van het interview met Elmer den Braber.

(Mocht je het eerste deel gemist hebben, deze vind je hier)

 

Elmer4

 

  1. Het onderwerp roept nogal wat emoties op. Wat heeft het schrijven over dit onderwerp met jou gedaan?
    Bij de NSB zaten een aantal echte schoften, dat is een feit. Toch zaten er ook gewone mensen tussen. Na de oorlog is iedereen over één kam geschoren met als absoluut dieptepunt het meenemen van de kinderen daarin. Wat NSB-kinderen hebben meegemaakt raakte me van het begin af aan al. Kinderen zijn onlosmakelijk verbonden met hun ouders, als een onzichtbare navelstreng die nooit wordt doorgeknipt en dat kan op verschillende manieren uitpakken. Op een of andere manier voelde ik wat ze mee hebben moeten maken. Waar dat gevoel precies vandaan komt weet ik niet.
    Ik vond kinderen van ‘foute’ ouders een onderbelicht thema in de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog en iets in me dwong me bijna om mijn roman over Elsa Aaldering op te schrijven. Naast het duo-interview dat ik aanhaalde is ook de roman Haar naam was Sarah van Tatiana de Rosnay voor mij een grote inspiratie geweest. Een prachtig en aangrijpend verhaal en ik wilde ook ooit zo’n soort verhaal schrijven. Ik heb me helemaal ondergedompeld in het onderwerp NSB-kinderen en dan ga je je steeds meer identificeren met die groep. In het boek zitten een aantal heftige momenten die je naar de keel grijpen. Als schrijver heb ik me zo ingeleefd in het boek dat je tijdens het schrijfproces onbewust die heftige momenten uit de weg gaat of uitstelt. Als je dan op een later moment zo’n stuk terugleest, zie je dat. Het betekende herschrijven en dat zware moment laten gebeuren. Dat voelt heel dubbel, want het is niet leuk, maar wel noodzakelijk voor het verhaal. De plot lag namelijk niet geheel van te voren vast, maar is al schrijvende ontstaan. Dus als je jezelf écht wil leren kennen, schrijf dan een boek. In alle personages zit wel een deel van jezelf en leert of je bepaalde situaties liever uit de weg gaat of juist de confrontatie aangaat. En dan laat ik het praktische aspect van schrijven nog buiten beschouwing: ook in die zin leer je jezelf kennen. Schrijven is al heel eenzaam en áls je dan een keer iemand tegenkomt, dan ben je het nog zelf ook. Daar moet je wel tegenkunnen en ook klaar voor zijn.
    Een boek schrijven is kijken in de spiegel van je persoonlijkheid. Je schrijft eigenlijk een autobiografie van je eigen ik in romanvorm.
  1. Hoe dicht staat Elsa (inmiddels) bij jou?
    Tijdens het schrijven zie ik een film die aan me voorbijtrekt. Als ik aan Elsa denk dan staat ze als het ware naast me. Elsa is ook een deel van mij geworden. Hoewel fictief, twittert ze al bijna vier jaar en het is alsof ik haar elke dag beter leer kennen, ook al heb ik haar zelf verzonnen. Elsa is niet zomaar een protagonist uit een boek, ze is zorgvuldig samengesteld uit al het onderzoek dat ik heb gedaan. Ik hoop ook dat ieder (klein)kind van ‘foute’ ouders zich tot op een bepaalde hoogte kan identificeren met Elsa. Ik ben erg blij dat die groep lezers tot nu toe buitengewoon positief zijn over het boek, ook al is het, zeker voor hen, best een heftig verhaal. En wie weet, misschien zit er tussen al die honderdduizenden kinderen van foute ouders wel de echte Elsa. Dat het boek dus wijdverbreid gelezen mag worden en ik op een dag de echte Elsa Aaldering mag ontmoeten! Eigenlijk net zoals wat is gebeurd bij de boekpresentatie van de roman van Charles den Tex en Anneloes Timmerije. Dat zou een heel speciaal moment zijn.
  1. Lees je zelf ook graag en zo ja, welk genre is favoriet?
    Meestal lees ik romans. Ik heb de laatste tijd het lezen weer proberen op te pakken en dat lukt vrij aardig, al ben ik zeker geen veelverslinder als het gaat om boeken, maar wat ik lees, lees ik zorgvuldig. Zeker als je bekijkt dat ik met twee jonge kinderen mijn handen doorgaans meer dan vol heb, dan geniet ik ervan als ik af en toe de tijd vind om een boek te lezen. Bovendien vind ik heel veel andere dingen ook erg leuk. Maar boeken lezen mag niet ontbreken in je leven. Je mist zoveel. Van een goede roman kun je je leven lang van genieten. Mijn motto: wie reist en leest, die leeft het meest.
  1. Zijn er al plannen voor een nieuw boek?
    In mijn gedachten zweven constant ballonnetjes met ideeën. Soms pak ik zo’n idee op, denk er even over na en laat het dan weer los, om het op een ander moment weer vast te pakken. Eventueel. Soms is een verhaal toch niet interessant genoeg en laat ik het weer wegzweven. Op het moment dat Mijn vader was een NSB’er van de drukker kwam, heb ik even alle ideeën laten varen. Aan dit boek heb ik zo lang aan gewerkt, euforie gekend en keiharde tegenslagen meegemaakt, dat het ook nu mijn volledige aandacht verdient. Het voelt anders een beetje alsof ik mezelf zou verloochenen. Bovendien heb ik veel steun gehad van aandeelhouders en andere ambassadeurs, die ik ook zeker niet wil teleurstellen. Een boek schrijven is één ding, er bekendheid aan geven is vers twee. Ik weet dat ik dat niet mag onderschatten en dat doe ik dan ook zeker niet. Gelukkig vind ik boekpromotie vooral ook erg leuk, dat scheelt. Dus een nieuw boek? Nee, voorlopig nog niet en ik laat die beslissing ook deels afhangen van hoe Mijn vader was een NSB’er wordt ontvangen. Mijn roman is nu zo’n twee weken uit en de eerste reacties zijn enorm positief, soms zelfs lovend en dat had ik nooit durven dromen. Sommige lezers zeggen me dat ik vooral door moet gaan met schrijven en kijken al reikhalzend uit naar mijn volgende boek. Die reacties duwen me voorzichtig al in de richting van een volgend boek, maar ik blijf op dit moment in het hier en nu. Me van het ene in het andere project storten is al een van mijn eigenaardigheden, waardoor project A soms blijft liggen of niet wordt afgrond, al levert die eigenschap soms ook mooie dingen op, zoals het bijzondere sprookje dat ik ergens tussen de soep en de aardappelen van Mijn vader was een NSB’er door heb geschreven. Nu ben ik tot en met mei 2015 alleen bezig met dit boek. Dan is het 70 jaar geleden dat de bevrijding plaatsvond en dan hoop ik dat het verhaal van Elsa al heel veel lezers heeft bereikt. Dan is het ook precies 5 jaar nadat ik met het verhaal ben begonnen, net zolang als de oorlog heeft geduurd, precies tussen ‘twee bevrijdingen’ in. Die symboliek vind ik wel mooi. Na mei zie ik wel wat er gebeurt.
  1. Heb jezelf nog iets toe te voegen?
    Jazeker, graag wil ik aandacht vragen voor het volgende. Er zijn tegenwoordig zoveel slachtoffers van oorlogen en een groot deel daarvan zijn kinderen. In WarChild heb ik een organisatie gevonden die zich specifiek richt op het helpen van kinderen in oorlogssituaties, daarbij niet kijkend naar wat hun ouders eventueel hebben misdaan. Bovendien neemt WarChild daarin ook het psychosociale aspect mee. Daarom vind ik het passend dat van elke verkocht boek (ook e-boek) er €1 gaat naar WarChild. Op de website van WarChild kun je meer lezen over deze actie. Ik hoop zo een steentje bij te kunnen dragen om die kinderen te helpen.

 

De vragen die ik voor Elmer had heeft hij allemaal uitgebreid beantwoord, Elmer dank daarvoor!

Maar misschien heb jij zelf nog wel een vraag aan Elmer. Stuur die vraag dan naar wendywenning@kpnmail.nl. met als onderwerp ‘Vragen Elmer den Braber’ en ik zorg ervoor dat je zo snel mogelijk een antwoord op je vraag krijgt.

Elmer1

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

%d bloggers liken dit: